Zelf-test Vragen

(voor jacht- en veldschieten)


Basis motivatie

Ik geef de voorkeur om mijzelf voor maar een paar aktiviteiten in te zetten, dan mijn aandacht te verdelen over velen.  
Handboogschieten is het meest belonend en interessant van al mijn hobbies en aktiviteiten.  
Mijn familie, vrienden, werk-/school-kameraden ondersteunen mijn belangstelling voor handboogschieten.  
Het verbeteren van mijn resultaten werkt stimulerend, maar zelfs als dat niet gebeurt, zal ik het schieten niet opgeven.  
Wedstrijden, als zodanig, zijn belonend en stimulerend.  
Wedstrijden zijn stimulerend, zelfs als mijn scores niet bijster goed zijn.  
Mijn schietaktiviteiten zijn niet veel begrensd door mijn school/werk, levensstijl, of persoonlijke (o.a. financiële) omstandigheden, enz.  


Geestelijke kracht en evenwicht

Ik doe regelmatig aan geestelijke training, in de vorm van ontspanning, meditatie, yoga etc., om beter mijn stress te kunnen beheersen tijdens een wedstrijd.  
Ik ben noch gespannen noch onverschillig zowel vóór als tijdens een westrijd.  
Ik ben niet merkbaar boos noch knorrig als ik slecht score. Het dwingt me echter om over de redenen te denken.  
Na een slechte score geef ik geen schuld aan mijn uitrusting, mijn medeschutters, het weer, toeschouwers, muggen, plotselinge geluiden, enz. Ik aanvaard derhalve dat het aan mij ligt, en aan mijn gebrek aan voorbereidingen.  
Ik probeer te denken over wat zich nú afspeelt, niet over verleden of toekomstige resultaten. Noch dagdroom ik over perfekte scores.  
Tijdens een wedstrijd, zet ik me evenveel in, zowel in de eindfase als in het begin. Ik overweeg nooit om het op te geven.  
Totaal: 


Sociaal gedrag

Ik voel mij nooit gespannen of gegêneerd tussen mijn clubgenoten of trainingsmaten.  
De sociale betrekkingen in mijn vereniging/team geven mij veel steun tijdens een wedstrijd.  
Absolute eerlijkheid in mijn sport is belangrijk, maar mag niet ten koste gaan van goede sociale betrekkingen.  
Als een andere schutter een uitstekende score behaalt, benijd ik hem/haar niet. Ik ben blij om zulk fijne schieten te mogen waarnemen.  
Het schieten onder ogenschouw van vele toeschouwers of medeschutters heeft geen negative invloed op mijn scores.  
Ik woon elke geplande trainingssessie bij, zelfs als niemand anders komt.  
Als ik een trainingssessie heb gepland, dan wijk ik er niet vanaf, alleen als mijn clubgenoten iets anders willen doen.  
Totaal: 


Kennis

Mijn kennis van de regelementen, training, afstellen, fysiologie, uitrusting, enz. is adequaat.  
Ik ben altijd bereid te luisteren naar de ervaringen van andere schutters en coaches.  
Ik studeer altijd de schietstijlen en uitrusting van andere schutters.  
Ik lees graag alles over handboogschieten.  
Het uittesten en experimenteren met uitrusting, schietstijl, trainingsmethodieken, enz. is zeer belonend en interessant.  
Ik hou een trainingsdagboek bij.  
Als ik mijn trainingssessies plan, bestudeer ik mijn oude scores en aantekeningen.  
Totaal: 


Lichamelijke toestand (fitness)

Ik doe regelmatig aan fitnesstraining (of; mijn baan voorziet mij van een goed lichamelijke toestand).  
Ik ben net zo fit als andere schutters van mijn leeftijd.  
Als ik train, of als ik aan een wedstrijd meedoe, die in ruig terrein plaatsvindt, dan is mijn hartslag weer normaal, voordat ik weer begin met schieten.  
Na een lange wedstrijd voel ik me niet bijzonder moe.  
Het schieten van de laatste pijl in een wedstrijd is niet meer belastend dan het schieten van de eerste.  
Ik rook niet. Tenminste, niet vlak vóór of tijdens een wedstrijd.  
Ik probeer altijd mijn lichamelijke vloeistofbalans op peil te houden tijdens een wedstrijd door het drinken van de juiste hoeveelheid van de juiste dranken.  
Totaal: 


Precisiewerk

Ik kan wel werken met kleine, breekbare dingen, zonder mij daarbij lomp en onhandig te voelen.  
Ik kan mijn eigen pezen maken, mijn eigen pijlen befletchen, mijn eigen nokpunthoogte veranderen, enz.  
In mijn werk of mijn hobbies verricht ik regelmatig precisiewerk.  
Ik heb normaal gevoeligheid in mijn vingers, handen en gezicht.  
Ik kan zelf betrekkelijk kleine veranderingen en variaties in mijn schietstijl voelen.  
Ik heb geen problemen in het vinden van de juiste greep op mijn boog, ankerpunt, enz.  
Ik kan richten met soepele, stabiele bewegingen.  
Totaal: 


Afstanden schatten

Mijn schattingen van schietafstanden wijken zelden meer dan 5% van de werkelijke afstand af.  
Ik ken de maximale afstanden voor verschillende blazoenen.  
Als ik een afstand verkeerd heb ingeschat, dan vraag ik altijd de andere schutters wat hun schattingen waren.  
Als mijn schatting onjuist is, dan geef ik nooit de schuld aan pech, hinderende omstandigheden, of andere abstrakte redenen.  
Ik weet wel dat goede schattingen van afstanden het resultaat is van oefening en ervaring.  
Ik aanvaard altijd dat mijn afstand-schatting onjuist is, als de eerste pijl of laag of hoog valt.  
Ik oefen vaak met veld- of jachtblazoenen op bekende afstanden.  
Totaal: 


Lichamelijke kracht

Als ik tijdens de winter niet regelmatig kan schieten, dan probeer ik mij tenminste in goede konditie te houden.  
Mijn boog is minstens zo zwaar als normaal voor mijn leeftijd en klasse.  
Ik kan mijn boog uitgetrokken houden voor 45 sek. zonder teveel trillingen.  
Ik kan een boog uittrekken, die 10 pond zwaarder is dan mijn eigen, en hem een paar sec. uitgetrokken houden, zonder teveel trillingen.  
Ik krijg nooit pijnlijk of overgestrekte gevoelens in mijn vingers, handen, polsen, armen, schouders, nek of rug tijdens of na een lange wedstrijd.  
Ik krijg nooit pijnlijk of overgestrekte gevoelens in mijn rug, heupen, benen of voeten tijdens of na een lange veldwedstrijd in ruig terrein.  
Ik ben nooit te moe om een pijl door de clicker van mijn boog te trekken en hem daar een poosje te houden.  
Totaal: 


Uitrusting

Mijn boog is redelijk modern en funktioneel.  
Mijn boog past me perfekt. Gewicht, lengte, handvat, stabilisatie, visier, enz., zijn voor mij optimaal.  
Mijn pijlen passen perfekt bij mijn boog en mijn schietstijl. Hun lengte, buigzaamheid, fletch, nok en punt zijn optimaal.  
Mijn overige uitrusting, zoals tab, pijlenkoker, kleding, regenkleding enz. is adequaat.  
Altijd, vóór een wedstrijd kontrolleer en zonodig herstel ik zorgvuldig alles in mijn uitrusting.  
Tijdens training en wedstrijden heb ik altijd reserves en extra spullen bij me, van hetzelfde merk en type als wat ik altijd gebruik.  
Ik verander nooit wat aan mijn uitrusting vlak voor het wedstrijdseizoen.  
Totaal: 


Afstellen (tuning)

Ik besteed veel tijd aan het afstellen van mijn uitrusting.  
Als ik in piekkonditie ben, neem ik de gelegenheid om mijn tuning te kontrolleren, om fouten in mijn uitrusting uit te sluiten.  
Mijn spullen zijn getuned vóór een wedstrijd. Noch ik noch andere schutters kunnen tuningsfouten ontdekken.  
Als ik slecht score, kontrolleer ik altijd de tuning, als ik niet redelijk zeker ben van de reden ervoor.  
Als ik nieuwe spullen krijg, of veranderingen inbreng, dan hertune ik altijd.  
Mijn reserveuitrusting is dermate goed getuned, dat ik haar kan gebruiken zonder het verschil echt te (kunnen) merken.  
Als mijn trekhand pijnlijk is, dan zorg ik er heel goed voor.  
Totaal: 


Schiettraining

Ik denk dat ik vaak genoeg oefen.  
Ik weet wat mijn schietstijl moet zijn, en hoe ik hem moet oefenen.  
Vóór en tijdens het wedstrijdseizoen, oefen ik en handhaaf ik een stabiele schietstijl.  
Elke trainingssessie wordt met een stijltraining beëindigd.  
Voor het wedstrijdseizoen is mijn schietstijl dermate goed getraind, dat ik geen effekt ervaar van slecht weer, het schieten heuvel op of af, schuin staande blazoenen, enz.  
Ik ken de zwakheden in mijn schietstijl, en hoe ze te verbeteren.  
Ik probeer altijd mijn stijl te verbeteren.  
Totaal: 


Voorbereiden op wedstrijden

Ik plan mijn training altijd zodat ik mijn topvorm bereik op de juiste tijd.  
Een paar dagen vóór een belangrijke wedstrijd, probeer ik zoveel mogelijk situaties te vermijden die mij kunnen irriteren of van streek brengen.  
Vóór een wedstrijd is de kleding die ik draag altijd goed uitgetest.  
Ik probeer altijd een volle nachtrust te genieten voor een wedstrijd.  
Ik eet en drink voldoende vóór een wedstrijd.  
Ik kom altijd ruim van tevoren aan, met tijd over om mij voldoende op een wedstrijd te voorbereiden.  
Ik doe altijd aan warming up vóór een wedstrijd.  
Totaal: 


Speciaal voor veld- en jachtschieten

Als ik de afstand ken, of het goed kan inschatten, dan is het heuvel op of af schieten geen probleem. Ik weet hoe ik voor de helling moet compenseren.  
Ik kan net zo goed scoren op een schuin staand blazoen als op een normale.  
Ik train vaak op heuvels, en op schuin staande blazoenen.  
Ik vindt het prettig om in de natuur te zijn. Ik ben nooit bang of gespannen in ruig, heuvelachtig terrein, dikke bossen of open weilanden. Ik ben niet bang voor wilde dieren en niet veel ontzet door muggen en andere ongedierte.  
Er is geen effekt op mijn scores van muggen, dicht- of donkere bossen, het schieten over water, en andere vaak voorkomende problemen.  
Er is geen nadelig effekt op mijn scores van fel zonlicht of redelijk krachtige windstoten, zelfs als de richting nadelig is.  
Ik oefen vaak genoeg in fel zonlicht, wind, mist, laag lichtniveaus, of andere nadelige omstandigheden.  
Totaal: